‘Oorlog in Midden-Oosten kan Nederlandse industrie opnieuw onder druk zetten’

Preview
close
Aantal: 0
1 / 0
Preview
Preview
‘Oorlog in Midden-Oosten kan Nederlandse industrie opnieuw onder druk zetten’

De geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten beginnen door te werken in de Europese economie – en vooral de industrie voelt dat snel. Dat blijkt uit een nieuwe analyse van ABN AMRO. Stijgende energieprijzen, duurdere logistiek en verstoringen in toeleveringsketens kunnen de Nederlandse maakindustrie opnieuw onder druk zetten. 

De directe aanleiding is de militaire escalatie rond Iran. Sinds de aanvallen eind februari zijn de prijzen van energie razendsnel gestegen. De Europese gasprijs (TTF) liep in korte tijd op van ongeveer 32 euro per megawattuur naar circa 59 euro. Ook de olieprijs schoot omhoog: van ongeveer 73 dollar naar bijna 120 dollar per vat, voordat de markt weer enigszins stabiliseerde. 

Voor energie-intensieve industrieën kan dat grote gevolgen hebben. Sectoren zoals de basismetaalindustrie, chemie, papierindustrie, kunststofproductie en oppervlaktebehandeling behoren tot de meest energiegevoelige onderdelen van de Nederlandse economie. In sommige subsectoren vormen energie-uitgaven enkele procenten van de totale omzet, terwijl ze een groot deel van de winst kunnen opslokken.

Hormuz

De impact gaat verder dan alleen energieprijzen. Door de onrust in het Midden-Oosten is de scheepvaart in cruciale routes verstoord. Vooral de Straat van Hormuz – waar normaal ongeveer een vijfde van de wereldwijde olie- en LNG-export passeert – speelt daarbij een sleutelrol. Door aanvallen op tankers is de scheepvaart daar vrijwel stilgevallen, wat de energie- en grondstoffenmarkten extra volatiel maakt. 

Voor de industrie betekent dat ook hogere prijzen voor grondstoffen en halffabricaten. Kunststoffen worden bijvoorbeeld duurder omdat ze grotendeels uit olie worden geproduceerd. Tegelijk kan de toevoer van materialen uit het Midden-Oosten haperen, waardoor tekorten kunnen ontstaan. Aluminium, kunststoffen en diverse chemische grondstoffen worden immers in grote volumes in die regio geproduceerd. 

De situatie heeft parallellen met de energiecrisis van 2022, maar er zijn ook belangrijke verschillen. Bedrijven hebben inmiddels meer ervaring met energiebeheer en hebben in de afgelopen jaren geïnvesteerd in energiebesparing en verduurzaming. Daardoor is het energieverbruik in sommige sectoren gedaald. Tegelijk zijn de omstandigheden economisch minder gunstig: rentevoeten liggen hoger, de financiële buffers van bedrijven zijn kleiner en geopolitieke risico’s spelen op meerdere fronten tegelijk.

Risicomanagement

Voor veel industriële bedrijven draait het de komende maanden daarom om risicomanagement. Volgens de bank is het belangrijk dat ondernemingen hun kostenontwikkeling en liquiditeitspositie nauwlettend volgen. Het afsluiten van langjarige energiecontracten kan een manier zijn om prijsschommelingen te dempen. Daarnaast kan verdere verduurzaming van productieprocessen helpen om minder afhankelijk te worden van fossiele energie. 

De conclusie van de analyse is duidelijk: hoewel de huidige energieprijzen nog onder het niveau van 2022 liggen, kan een langdurig conflict opnieuw een stevige kostenstijging veroorzaken. En juist voor de energie-intensieve maakindustrie kan dat opnieuw een bepalende factor worden voor de concurrentiekracht van Europese bedrijven. 

Bron en foto: TechniShow Magazine

« Nieuws overzicht